dinsdag 16 mei 2023

Odysseus is thuis

 Op mijn blog schreef ik eerder al over het boek waar we op etsles bij Jan Naezer aan hebben gewerkt: onze eigen versie van de Odyssee, de thuisreis van Odysseus die we kennen uit de klassieker van Homerus. Nu is Odysseus (opnieuw) thuisgekomen, want het boek Odysseus is klaar. In etsen van veertien leerlingen en de slotprent van Jan Naezer zelf wordt het verhaal opnieuw verteld, in een oplage van vijftien exemplaren zodat ieder van ons die eraan heeft meegewerkt een unieke en complete verzameling grafiek mee naar huis kan nemen die door etser én boekbinder Rob Taal met de hand wordt ingebonden. 

Odysseus is te lezen en bekijken op de website https://atelierjannaezer.nl/odysseus/.

Hieronder het titelblad naar ontwerp van Jan Naezer, die ik dankbaar ben voor de gelegenheid om als nieuwe leerling direct aan dit prachtige project mee te werken. Na de negen eerdere boeken met klassieke verhalen uit het oude Griekenland, Mesopotamië en Egypte die de etsgroep sinds 1991 maakte is dit het tiende en tevens laatste boek dat het licht ziet. Het is een voorrecht om eraan te hebben meegewerkt en en passant de etstechniek beter te leren kennen. Het voelt als thuiskomen. 



maandag 10 april 2023

Bij de dood van Huub Oosterhuis

Huub Oosterhuis is gisteravond, op eerste Paasdag 2023, overleden. Een groot deel van deze tweede Paasdag is hij in mijn gedachten, als een familielid dat er opeens niet meer is. Ik sta hier kort bij hem stil.

Aan het eind van mijn schoolloopbaan maakte ik kennis met hem en zijn werk. Nadat ik voordien op openbare scholen had gezeten kwam ik de laatste twee jaar voor het eerst op een christelijke school: de CSW, Christelijke Schoolgemeenschap Walcheren in Middelburg, aan het eind van de straat (Park de Griffioen) waar ik toen met mijn ouders en zusje was komen wonen.

Nieuw voor mij waren de (dag)openingen en het Liedboek voor de Kerken dat ik net als de andere leerlingen daarvoor ging gebruiken. Als kind uit een humanistisch gezin met een voorliefde voor poëzie ging er een deur voor me open naar nieuwe betekenislagen.

Huub Oosterhuis, Willem Barnard en diens pseudoniem Guillaume van der Graft waren de namen uit dat liedboek die er meteen uitsprongen en die ik nader ging lezen en beluisteren. Met hun eenvoudige en herkenbare teksten voorzagen zij in mijn behoefte aan zingeving.

Een mens te zijn op aarde van Oosterhuis ken ik nog altijd uit mijn hoofd en beschouw ik ook nu nog, 50 jaar na de eerste kennismaking, als een universele tekst over ons allemaal en ieder van ons. Ik schreef rond die tijd de tekst over in mijn handschrift en plaats die eveneens hierbij.

Huub Oosterhuis heeft nu alles volbracht. Moge hij rusten in vrede, de vrede die hij zijn leven lang heeft gebracht, ook aan een buitenkerkelijke jongen als ik. Ik gedenk hem in liefde en eerbied.

Een mens te zijn op aarde,
is eens voorgoed geboren zijn,
is levenslang geboortepijn.
Een mens te zijn op aarde
is leven van de wind.

De bomen hebben wortels
de bomen mogen stevig staan
maar mensen moeten verder gaan.
De bomen hebben wortels
maar mensen gaan voorbij.

De vossen hebben holen
de mensen weten heg noch steg
zijn altijd naar hun huis op weg.
De vossen hebben holen –
maar wie is onze weg?

De mensen hebben zorgen
het brood is duur, het lichaam zwaar,
en wij verslijten aan elkaar.
Wie kent de dag van morgen?
De dood komt lang verwacht.

Een mens te zijn op aarde
is pijnlijk begenadigd zijn
en zoeken, nooit verzadigd zijn,
is rusten in de aarde
als alles is volbracht.

Hoe zullen wij volbrengen
wat door de eeuwen duren moet;
een mens te zijn die sterven moet?
Wij branden van verlangen
tot alles is voltooid.

Huub Oosterhuis












vrijdag 31 maart 2023

Een parel in de mossel van de stad

Vandaag is het 31 maart 2023. Op de kop af twee jaar geleden wandelde ik met mijn tekenboekje en potloodje rond de Hofvijver op de dag dat de nieuwe Tweede Kamer zou worden geïnstalleerd na de verkiezing van 17 maart van dat jaar, en maakte ik op een bankje in de zon langs het water een snelle potloodschets van diezelfde Hofvijver en de Eerste Kamer, met rechts de Mauritstoren en links boven de daken uit de torentjes van de Ridderzaal. Die schets toon ik bij dit stukje.

Ik werkte toen nog op het Binnenhof, dat we in de zomer van 2021 zouden verlaten en waar ik zoveel voetstappen had liggen sinds ik er in 1975 was komen werken. Dat vertrek stemde (me) een beetje weemoedig en met dat vooruitzicht verzamelde ik actief visuele herinneringen om daar in retrospectief iets mee te doen. Salvador Dalì zei het al: “Afscheid is de geboorte van de herinnering”.
 
Maar eerst zou het nog 2022 worden, het jaar waarin ik na een lang werkzaam leven het ruime sop van de pensionering zou gaan kiezen. Dat deed ik in de vorm van een tentoonstelling met lezingenprogramma met als titel Kijken naar het Binnenhof. Ik kon me geen passender en inhoudelijker afscheid denken dan door het Binnenhof de revue te laten passeren in beeld, gesproken woord en geschrift. Plaats van handeling was de Albert Vogelzaal van de Haagse Kunstkring. En het potloodschetsje dat ik hier laat zien was daar een van mijn bijdragen aan de tentoonstelling, waar het te zien was tussen werk van Wim Bettenhausen, mijn collega Coby Pronk en Hans Kouwenhoven.

Wat is er veel gebeurd in die afgelopen twee jaar, realiseer ik me terwijl ik deze woorden schrijf en me die wandeling langs de Hofvijver met de aanblik van het Binnenhof nog in vol bedrijf voor de geest haal. Alweer hebben we net - 15 maart jongstleden - verkiezingen achter de rug, die ditmaal hun schaduw vooruitwerpen op een nieuwe Eerste Kamer. En ook nu is het land weer in rep en roer. Ik volg het ook nu weer van dag tot dag, met als verschil dat ik er nu als toeschouwer naar kijk met een frons van de wenkbrauwen en een zucht van vermoeidheid.

Ik hoef er behalve als actief burger die begaan is met de toekomst van het land niets meer mee. Het Binnenhof lijkt verder weg dan ooit.

Onveranderd is de rimpeling van de Hofvijver, en zoals eerder geef ik het slotwoord aan een dichter, in dit geval Jana Beranová in haar gedicht Oogopslag. Met een stille wenk aan de boven ons gestelden: luister naar de dichters, dan komt het misschien nog goed.

"De vijver is een parel
in de mossel van de stad."

Eelco van der Waals




zondag 5 maart 2023

Het vijvertje in boekvorm

Your heart is the size of an ocean (Rumi)

Na een ingrijpende operatie in 2016 beperkte mijn actieradius zich tot de achtertuin met het kleine vijvertje, dat voortdurend veranderde in aanblik. De lichtval, het kleinste zuchtje wind, flarden van regen, de sprong van een kikker, alles vormde deze natuurlijke compositie met een leven van zichzelf. 

Mijn camera deed de rest. Ik ging het vijvertje dagelijks fotograferen, de jaargetijden verstreken waarin ik volledig herstelde maar wel bleef terugkeren bij dit oog van licht en water dat altijd weer terugkeek. Honderden foto's maakte ik de afgelopen jaren al van alle wisselingen op de vierkante meter die getuigen van de veranderlijkheid. 

Zen is when, noemt Dave Brubeck zijn gelijknamige jazznummer, en mijn eigen zenmomentjes spelen zich nog altijd af bij het kleine vijvertje, dat een paar jaar sinds die eerste foto nu zijn eigen fotoboek heeft. Er ontvouwde zich een wereldje waarin altijd weer iets nieuws te ontdekken en beleven valt.

Sommige verhalen vertellen zichzelf, en ver hoef je niet te gaan. Kijk maar in het vijvertje achter je huis.

Het vijvertje - Your heart is the size of an ocean is net uitgekomen bij Brave New Books en is daar te bestellen in de webshop:

https://www.bravenewbooks.nl/shop/index.php/catalog/product/view/id/718245/s/het-vijvertje-your-heart-is-the-size-of-an-ocean-319144-www-bravenewbooks-nl/

Het vijvertje - Your heart is the size of an ocean 
Samenstelling en fotografie: Eelco van der Waals
Brave New Books, 2023
ISBN 9789464802634

De foto's van het vijvertje zijn ook te zien op https://www.instagram.com/explore/tags/hettuinvijvertje/






maandag 13 februari 2023

De reis van Odysseus

In mijn vorige stukje schreef ik over de Odyssee van Homerus en het boek dat we daarvan gaan maken met de etsers op het atelier van Jan Naezer waar ik op les zit. 

In de scène die ik ga verbeelden staat het zeemonster Charybdis centraal en de draaikolk in zee die zij veroorzaakt, waar het schip van Odysseus in getrokken wordt maar er gelukkig ook weer uit te voorschijn komt zodat onze held en hoofdpersoon zijn reis kan voortzetten op weg naar het langgerekte happy end, dat tussen vertrek en terugkeer maar liefst 20 jaar in beslag neemt.

Hoe doe je dat, zo'n draaikolk met de suggestie van peilloze diepte en verzwelgende zuigkracht? En dan ook nog op het platte vlak en in klein formaat? Het zijn vragen waar ik als novice op etsgebied mee rondloop en die mijn hand met daarin een potloodje in beweging brengen op schetspapier. 

Intussen loop ik als beginneling door het snoepwinkeltje waarin veel moois en lekkers te vinden is. Ik heb er nog maar geproefd van een beetje lijnets, aquatint, vernis mou en droge naald, en aan het werk om me heen zie ik welke mogelijkheden er in het verschiet liggen bij het combineren van deze en andere technieken.

Zoals op het plaatje hieronder, waarbij ik een aquatint over een vernis mou heb gezet om een diepe toon te krijgen zoals ik die straks nodig heb om op een klein vlakje papier de suggestie van een peilloze draaikolk in volle zee op te roepen, sterk genoeg om het schip van Odysseus erdoor te laten verzwelgen. De reis gaat verder.



woensdag 8 februari 2023

Tussen Scylla en Charybdis

Op de middelbare school namen we kennis van de reis van Odysseus door een eindeloze reeks van beproevingen en gevaren, waarbij het telkens de vraag was of hij het er levend af zou brengen en uiteindelijk in zijn koninkrijk Ithaka zijn vrouw Penelope weer in zijn armen zou sluiten. Na 20 jaar is het eindelijk zo ver.

Een van de heftigste beproevingen is die in de smalle zee-engte tussen de monsters Scylla en Charybdis. Charybdis is als dochter van Poseidon en Gaea geboren als zeenimf, maar door Zeus veranderd in een gigantische, weerzinwekkende mond, die drie keer per dag enorme hoeveelheden water opzuigt en weer uitspugt, waardoor een dodelijke draaikolk ontstaat.

De scène waarin het schip van Odysseus ondanks behoedzaam manoeuvreren wordt opgezogen door Charybdis is mij toegevallen in het project waar ik als kersverse leerling op etsles bij Jan Naezer aan mag meedoen. Gezamenlijk maken we met hem en de leerlingen van zijn atelier een boek waarin ieder van ons één scene uit de Odysee tot een ets omwerkt, en alle etsen bij elkaar vertellen het hele verhaal, dat de Griekse dichter Homerus rond 800 v. Chr. in 12.000 versregels opschreef.

Het moge duidelijk zijn dat Odysseus het moment weet te te benutten waarop zijn schip weer door Charybdis wordt uitgespuwd en zijn gevaarvolle reis weet te hervatten.

Vanavond zit ik weer op het atelier en ga ik verder met de lessen, na mijn eerste kennismaking vorige week met de etstechniek vernis-mou, die ik vanavond ga combineren met aquatint. De afgelopen dagen heb ik me verdiept in het verhaal van Odysseus en heb ik afbeeldingen bij elkaar gezocht van de scène tussen Scylla en Charybdis. 

De negen boeken met klassieke verhalen uit het oude Griekenland, Mesopotamië en Egypte die de afgelopen jaren al zijn gemaakt door Jan Naezer met de leerlingen van zijn atelier zijn te vinden op de website https://atelierjannaezer.nl/boeken/. Dit jaar gaat daar dus een tiende - en laatste - boek bij komen, met een wel heel bijzonder verhaal, dat bij mij herinneringen oproept aan mijn middelbareschooltijd. Ik voel me bevoorrecht dat ik eraan mee mag doen en ik ga echt mijn best doen om er iets moois van te maken.

Afbeelding: Scylla en Charydis, geschilderd door Alessandro Allori (1535-1607)

donderdag 2 februari 2023

Terug naar de verbeelding aan de macht

In de Volkskrant van 30 januari 2023 staat een artikel van de jonge historicus Daan Krahmer dat mij uit het hart gegrepen is. Hij schrijft dat veel van de crises waar we nu mee geconfronteerd worden - van wonen tot mentale gezondheid, van de klimaatcrisis tot het leenstelsel, van armoede tot uitsluiting zoals hij ze opsomt— zich lang geleden al aandienden, in de tijd van Joop den Uyl en zijn kabinet, en onder de daaropvolgende kabinetten zijn verergerd. Daar kan ik het alleen maar mee eens zijn.

Een citaat uit het artikel: "Den Uyl was de anti-Rutte, die Nederland in de jaren zeventig confronteerde met feiten over klimaatverandering, de groeiende loonkloof, dreigende polarisatie en een aanstaande energiecrisis. Niet omdat dat verhaal populair was, maar omdat dat verhaal verteld moest worden. Voor de volwassenen van morgen."

Toevallig heb ik het kabinet-Den Uyl van heel nabij meegemaakt in de Eerste en Tweede Kamer waar ik in 1975 kwam werken als stenograaf, waardoor ik net als mijn collega's midden in de plenaire zaal zat en de debatten daar op de vierkante meter kon volgen. Ik ging op het Binnenhof werken uit politieke belangstelling. Mijn belangstelling werd tijdens die lange debatten gevoed doordat het vaak echt ergens over ging en ik met velen het gevoel had dat hier geprobeerd werd ontwikkelingen in de samenleving bij te sturen in het algemeen belang. Dat daarbij het motto was "spreiding van kennis, macht en inkomen" sprak en spreekt mij ook nu nog aan en weerspiegelde de tijdgeest.

Het kabinet zette zich - met Jan Pronk als bevlogen minister op dat gebied - in voor meer ontwikkelingssamenwerking en verbetering van de mensenrechten, en het kwam met vier hervormingsvoorstellen op sociaal-economisch gebied: de vermogensaanwasdeling, de Wet op de Ondernemingsraden, de Wet op de Investeringsrekening en de grondpolitiek.  

In de jaren na het kabinet-Den Uyl ging de slinger (weer) de andere kant op en werden de teugels in de samenleving meer overgelaten aan de wetten van de markt, die wel zou zorgen voor evenwicht en een kleinere kloof tussen rijk en arm. Dat is een illusie gebleken waar miljoenen mensen - miljarden mensen op wereldschaal - nu de wrange vruchten van plukken. De huidige recordwinst van het inmiddels niet meer Nederlandse olieconcern Shell spreekt in dit verband boekdelen.

In 1971 kreeg Den Uyl het rapport in handen van de Club van Rome, die stelde dat de naoorlogse economische groei niet eeuwig kon duren en ten koste gaat van natuur en milieu. De klimaatcrisis van onze dagen tekende zich in die jaren al af als de oliecrisis. Wie erbij is geweest weet nog dat Joop den Uyl op televisie de Nederlandse burgers toesprak en de problemen uitlegde, met argumenten en voorbeelden. "Zo bezien keert de wereld van voor de oliecrisis niet terug", is een uitspraak van Den Uyl over de distributie van benzine en de instelling van een autoloze zondag. Het zijn woorden die doorklinken tot in onze tijd, 50 jaar later. De ongelijkheid in de wereld en de klimaatcrisis hebben in al die decennia van pappen en nathouden een ernst en een omvang bereikt die niet houdbaar meer is.

Ik ben het van harte met Daan Krahmer eens: misschien moeten we - anders dan sommige leidende politici van nu stellig beweren - in Nederland wél terug naar de dagen van Joop den Uyl. Terug naar de verbeelding aan de macht. De jonge Jan Pronk van destijds muntte dit motto op 10 december 2022 als titel van zijn lezing in de Haagse Kunstkring met 10 concrete voorstellen ("10 over groen") om het einde uit te stellen en te werken aan wezenlijke hervormingen. "Dan wordt uitstel afstel. Dat is met recht de verbeelding aan de macht." 

https://sites.google.com/view/deverbeeldingaandemacht/homepage



dinsdag 31 januari 2023

Poëzieweek 2023

Ook morgen, 1 februari 2023, is het nog Poëzieweek. Daarna moeten we met alle dichters en poëzieliefhebbers weer een jaartje wachten, tot Gedichtendag 2024 op de laatste donderdag van dat jaar.

Morgen krijg je bij de boekhandel bij aankoop van een dichtbundel nog het poëziegeschenk cadeau. 

Natuurlijk denk ik op deze 31ste januari weer terug aan tien jaar geleden, Gedichtendag 2013, 31 januari 2013, waarop toenmalig wethouder van Onderwijs van Den Haag Ingrid van Engelshoven het Sonnet voor 456 letters van Ramsey Nasr onthulde in de Haagse Centrale Bibliotheek aan het Spui. 

Dat gedicht was daar aangebracht op initiatief van de Haagse Poëzieroute waar ik samen met Elsje Heuff nauw bij  betrokken was, in eveneens nauwe samenwerking met Charles Noordam, toen directeur van de Haagse Bibliotheek. Ramsey Nasr schreef zijn sonnet op Gedichtendag 2012 voor de bibliotheken waaraan hij het opdroeg.

De onthulling van zijn sonnet vond plaats op de dag dat Ramsey Nasr als Dichter des Vaderlands werd opgevolgd door Anne Vegter.

Maar nu is het dus weer (en nog) Poëzieweek. Hieronder als eerbetoon en herinnering nogmaals het prachtige gedicht, en de foto die Catharina Abels tien jaar geleden maakte van de onthulling door directeur van de Haagse Bibliotheek Charles Noordam en wethouder Ingrid van Engelshoven van het sonnet van Ramsey Nasr.

Sonnet voor 456 letters

En hier gebeurt het allemaal: vanbinnen
liggen de zinnen doodstil ingeklapt
als chromosomen, diep onder mijn kaft.
Ze wachten op een oog om te beginnen.

U leest – en loom weet zich een vers te ontspinnen.
Het was een val, u bent erin getrapt.
Geen geld of eeuwigheid wordt u verschaft.
Hooguit een ander heeft hier bij te winnen.

Andermans letters kapen uw gedachten:
mijn minutieus verzonnen DNA
Heeft uit het niets al wat bestaat onttroond.

Mijn lichaam fonkelt op geroofde krachten.
Voel hoe ik groei en blakend openga.
Wie leest, wordt door het leven zelf bewoond.

Ramsey Nasr


Directeur van de Haagse Bibliotheek Charles Noordam en wethouder Ingrid van Engelshoven onthullen het sonnet van Ramsey Nasr. Foto: Catharina Abels.


zondag 29 januari 2023

Loverendale

Toen ik, nog niet zo lang geleden, op het Binnenhof werkte ging ik elke woensdag naar de Haagse biologische markt, naast de Tweede Kamer. Een van die vele keren kocht ik bij de biologische kaasboer een stuk oude kaas van Loverendale, de legendarische Zeeuwse boerderij die kort daarop zou ophouden met het maken van kaas. Dat laatste stukje heb ik hier op de foto gezet.

Ik heb lang geleden nog een zomer bij Loverendale in Oostkapelle gewerkt en zal het nooit vergeten. Loverendale is voor mij en velen een begrip als biologisch-dynamisch bedrijf en als organische minisamenleving waarin veel van de idealen van de antroposofie in de praktijk werden toegepast op een doordachte en praktische manier. Loverendalebrood, kaas en andere producten werden door het hele land in reformwinkels verkocht in het karakteristieke doffe halftransparante papier met Demeteropdruk.

Loverendale werd in 1926 als een van de eerste biologisch-dynamische landbouwbedrijven ter wereld opgericht door Marie Tak van Poortvliet, die verder ook een grote rol speelde als spil van de kunstenaars van de Domburgse Groep. Zij zette zich in voor nieuwe economische verhoudingen ten behoeve van een gezonde samenleving. De naam is afkomstig van haar toenmalige woonhuis, Villa Loverendale, in het lover op de plek waar nu het Badhotel Domburg staat.

Loverendale heet nu Loverendale Ter Linde, waaruit al blijkt dat de kern van de bedrijfsfilosofie overeind is gebleven en een nieuwe en eigentijdse invulling heeft gekregen. Het is nog altijd een gemengd bedrijf en brood wordt er nog altijd gebakken, maar de heerlijke kaas van weleer bestaat alleen nog in mijn herinnering. Een van de volgende keren dat ik de komende zomer weer in Zeeland ben ga ik er met Angèle toch weer eens kijken, en natuurlijk koffie drinken op het terras na een bezoekje aan de boerderijwinkel. 

https://www.loverendaleterlinde.nl/nl/



dinsdag 24 januari 2023

Gedichtendag in de Kamer

Morgen is het weer Gedichtendag - zoals ieder jaar op de laatste donderdag van januari. Sinds Jeltje van Nieuwenhoven in 2000 als voorzitter van de Tweede Kamer voor het eerst de Kamervergadering opende met het voorlezen van een gedicht op deze dag is een bijzondere traditie ontstaan die ik eerder al beschreef op mijn blog.

Dat eerste gedicht dat op Gedichtendag weerklonk in 's lands vergaderzaal was Oneindig veel problemen van dichter Rutger Kopland.

Op 26 januari 2023 is het voor de 24ste keer Gedichtendag - die vanaf 2013 tevens de eerste dag is van de Poëzieweek, met dit jaar als thema vriendschap. Van die 24 gedichtendagen waren er 16 waarop de plenaire vergadering van de Tweede Kamer werd geopend en opgeluisterd met poëzie. Uit het overzicht dat ik ervan bijhield in de jaren dat ik bij de Kamer werkte en me als poëzieliefhebber en dichter inzette voor voortzetting van deze levende traditie blijkt dat dat van 2000 t/m 2012 ieder jaar gebeurde. In 2013 t/m 2017 viel er een gat, dat in 2018 en 2019 weer werd gedicht; in 2020 gebeurde het opnieuw niet maar in 2021 gelukkig weer wel, en in 2022 niet.

Een jaar geleden schreef ik op mijn blog: "Volgend jaar werk ik op Gedichtendag niet meer bij de Kamer. Wel blijf ik als poëzieliefhebber en dichter natuurlijk volgen welk gedicht dan zal worden voorgelezen door de voorzitter. Want in een prozaïsche werkelijkheid houdt de poëzie ons op de been."

Deze week werd ik verrast door de mail die ik kreeg van griffier Harmanda Post die me liet weten dat de jaarlijkse traditie in de Kamer wordt voortgezet en dat de Kamervoorzitter op Gedichtendag een gedicht zal voordragen.

Prachtig dat de Kamer hiermee - met dank aan Harmanda - een waardevolle traditie voortzet die losstaat van het politieke gekrakeel, geen geld kost en alle dichters van Nederland (en Vlaanderen) in het hart raakt. Cultuur (en poëzie) hoort in de Kamer.

Ik zit donderdagochtend op Gedichtendag natuurlijk klaar om via de app Debat Direct en de livestream van de Kamer de opening te volgen en te genieten van het gedicht dat de toon zet voor dit jaar.

Oneindig veel problemen liggen ook nu weer op het bordje van de Kamerleden om op te lossen. Na een gedicht gaat alles beter.




maandag 23 januari 2023

Waals van der Jacobus Jan

Vandaag kreeg ik een e-mail van het Team Beheer van "Joint IV Commando / InformatieBeheer / Semi-Statisch InformatieBeheer Defensie Materieel Organisatie, Ministerie van Defensie". Een hele mond vol voor het semi-statisch archief van Defensie waarin de gegevens zijn opgeslagen van alle Nederlandse dienstplichtigen. 

Omdat mijn vader ooit ook dienstplichtig was vroeg ik, onder overlegging van zijn overlijdensbericht en mijn identificatiebewijs, toestemming om zijn registratiekaart in te zien. Dat ik die vandaag meteen digitaal in PDF kreeg toegestuurd is een meevaller. En nu ik tot in detail kan zien wat het ministerie over hem heeft bijgehouden raakt dat me meer dan ik had kunnen denken.

Het belang van deze gegevens is gelegen in het feit dat mijn vader werd opgeroepen voor militaire dienst, behorende tot de lichting 1945, geen gehoor gaf aan de opkomstplicht en dienst weigerde, niet erkend werd en door de krijgsraad te velde werd veroordeeld tot 3 jaar gevangenisstraf.

Gedurende zijn gevangenschap schreef en tekende hij een stapel cahiers vol die ik na zijn overlijden erfde en die nu de basis vormen voor het boek dat ik over hem aan het schrijven ben.

Maar laat ik me nu beperken tot het eerste fragment van de zending die ik vandaag van het semi-statisch archief van Defensie ontving: de kop van het registratieformulier. Voor echtheid gewaarmerkt in Gorinchem, 31 januari 1947 door reserve-kapitein A.A. Hogeweg.

Defensie liet er dus geen gras over groeien, want mijn vader schreef later in zijn cahiers*): "Op 30 Jan bracht de MP [Militaire Politie] mij onder bewaking naar Gorcum." 

*) te lezen in het essay dat ik eerder over hem schreef: https://sites.google.com/site/driejaarvooreenzuivergeweten/de-keuze-van-koos-van-der-waals

Binnenkort meer over deze CONTROLELIJST betreffende: Waals van der Jacobus Jan. De kop is eraf.




Wu wei

Wu wei Een bos in het klein een brem in de aarde De zon aan de hemel met regen en wind Zo groeizaam gedijt hier een wereldje waarde en komt ...